01:43
20-03-2015

Boom | One World Project | ‘Arne Quinze werkt mee in het staalatelier’

“Samenwerken met kunstenaar Arne Quinze vergt inspanning”, geeft Gérard Dejardin van het staalbedrijf Melens & Dejardin toe. “Quinze weet namelijk wat hij wil en werkt mee met de arbeiders in het atelier. Hij steekt de handen uit de mouwen, geeft tips en past continu het werk aan. Een unieke werkwijze, maar onze arbeiders hebben er geen problemen mee.”

Melens & Dejardin stond in voor het smeed- en assemblagewerk van het One World Project in Boom. Arne Quinze is trouwens geen onbekende voor het staalbedrijf, dat al vijf jaar met de succesvolle kunstenaar samenwerkt. Naast de brug en het kunstwerk in het provinciaal domein van Boom fabriceerde Melens & Dejardin ook de bekende rode ‘blokken’ van Arne Quinze op de dijk van Oostende: Rock Strangers. Ook de kunstzinnige containers die vorig jaar Rock Werchter sierden, werden in het Luikse atelier klaargemaakt.

Luikse staalnijverheid
Melens & Dejardin heeft een rijke geschiedenis in de staalnijverheid langs de Maas. In 1932 zag de staalslagerij het levenslicht toen Jean Melens en Léonard Dejardin de handen ineen sloegen. Sinds de jaren zeventig is het atelier in Jupille, nabij Luik, in het beheer van de familie Dejardin. Vandaag zit Melens & Dejardin nog steeds op dezelfde plaats. In Jupille beschikt het bedrijf over een terrein van 4.500 m², waarvan 2.000 m² overdekt. Het voert opdrachten uit voor de industrie, de scheepvaart en sinds een tiental jaren ook voor de kunstsector.
Hoewel Melens & Dejardin een relatief kleine speler is, biedt de firma het volledige pallet diensten aan dat samengaat met de bouw van stalen constructies: het ontwerp, de nodige haalbaarbeidsstudies en het AutoCAD-werk, de uiteindelijke constructie van de staalelementen en – samen met een partner – het montagewerk. De staalelementen bouwen, vormt nog steeds de kern van de activiteit van het atelier. De site beschikt voor dergelijke opdrachten over digitale snijapparatuur, een pers die 200 ton per 4 meter aankan, een snijmachine die platen met een dikte van 2 centimeter de baas kan en een atelier met een vrije hoogte van 8 meter en laadbruggen die tot 20 ton kunnen heffen.

Just-in-time
“Die vrije hoogte en de laadbruggen kwamen goed van pas bij het werk van Arne Quinze”, legt Dejardin uit. “De wandelbrug is immers in totaal 537 meter lang, opgedeeld in tientallen onderdelen die in Luik werden gemaakt. Het kunstwerk zelf is 25 meter hoog.” Hoewel Arne Quinze al vijf jaar aan het project werkt, moest Melens & Dejardin vorig jaar alle zeilen bijzetten om het huzarenwerk af te krijgen. “We hebben er ruim zes maanden aan gewerkt. In de voorbereidingen kropen 12.000 werkuren; de passerelle bouwen was goed voor 10.000 uren en het kunstwerk nam 3.500 uren in beslag. En dat alles zonder de uren van de onderaannemers”, weet Dejardin. Tijdens het Tomorrowland-festival was de wandelbrug grotendeels klaar. “Dat was echt just-in-time-werk, want het festival kun je niet verplaatsen.”
Een andere uitdaging vormde het kunstwerk zelf. “Arne Quinze maakt steeds een model van het kunstwerk dat nadien in een 3D-model wordt omgezet. Maar om dat in staalelementen om te toveren, heb je heel wat rekenwerk en stabiliteitsstudies nodig. Daar is heel veel tijd in gekropen, maar we hebben het wel degelijk gerealiseerd”, blikt Dejardin tevreden terug.

beton en staalbouw partners