Tagarchief: Nebest

Op weg naar een circulaire infrastructuur

Lees het gehele artikel

Frisse blik van de jongere generatie essentieel

Er worden mooie stappen gezet richting een circulaire economie. Zo ook door het consortium Closing The Loop, bestaande uit Nebest, Antea Group, GBN Groep, Strukton Civiel, dat naar aanleiding van de SBIR-oproep Circulaire Viaducten de volgende stap zet richting een circulaire en klimaatneutrale infrastructuur in 2030. Parallel aan deze oproep hebben een viertal afstudeerders van de Avans Hogeschool bij Nebest de kans gekregen om een vergelijkbaar traject te doorlopen. En met succes. De frisse blik van de jongere generatie heeft zelfs binnen het ervaren consortium tot bruikbare inzichten geleid.

Rijkswaterstaat wil vooropgaan in de transitie en in 2030 al circulair werken. “In die hoedanigheid werd eerder al het eerste circulaire viaduct in Kampen gebouwd”, zegt Wouter van den Berg, New Business Manager bij Nebest. “Daar vond ‘men’ nogal wat van. Het was eerder modulair dan circulair. Maar goed, het heeft in ieder geval een positieve beweging ingezet. Zo is er een Open Leeromgeving in het leven geroepen met verschillende themalijnen om de dialoog aan te gaan over de uitdagingen en belemmeringen om tot een circulair areaal te komen. Dat is de basis geweest voor de SBIR-oproep Circulaire Viaducten, een oproep aan de markt om aan de hand van productinnovaties tot fysiek toepasbare en inkoopklare circulaire viaductconcepten te komen.”

Ontwerp Twan en Steven A44 Lisserweg.

Jacht op herbruikbare materialen

Vrijwel gelijktijdig met de door Rijkswaterstaat uitgeschreven SBIR-oproep Circulaire Viaducten kwamen vier enthousiaste afstudeerders op ons pad, zegt Van den Berg. “Een mooie kans voor ons en voor hen om mee te draaien in dit project, parallel aan de initiële oproep, zodat ze de kans hadden om een eigen richting te varen, maar hun bevindingen wel konden worden meegenomen binnen het groter geheel. We hebben de competitie waarin wij als consortium participeerden dus grotendeels nagebootst. De studenten zijn in duo’s opgetrokken en gevraagd om zelf een concept te ontwikkelen voor een circulair viaduct, specifiek gericht op hergebruik. Daarbij zijn ze eerst aan de hand van live sessies met onder meer gemeentes en provincies op ‘jacht’ gegaan naar kunstwerken die op de nominatie staan binnen tien jaar niet duurzaam gesloopt te worden. Op basis daarvan is een inventarisatie gemaakt van welke materialen wanneer beschikbaar komen op de markt. Input die vanzelfsprekend ook perfect bruikbaar was ter ondersteuning van het haalbaarheidsonderzoek van het consortium.”

Belangrijke criteria

Na de gezamenlijke inventarisatieronde gingen de studenten aan de slag om een ontwerp van een circulair viaduct met vrijgekomen materialen uit te werken op een specifieke locatie. Belangrijke criteria waren daarin de haalbaarheid in technische zin, het economisch perspectief en de impact op het milieu.

“Uit ons onderzoek is gebleken dat ruim 75% van de kunstwerken wordt gesloopt vóór het einde van de technische levensduur, vooral om functionele redenen, terwijl de onderdelen nog prima honderd jaar mee kunnen”, zegt Xander ter Meulen, die samen met Marck Span een duo vormde. Op basis van de materialen uit een bestaand kunstwerk in Groningen, die op de nominatie staat gesloopt te worden, hebben ze een ontwerp gemaakt voor een compleet nieuw viaduct in Nuth. “Ondanks de afstand – alle bruikbare onderdelen dienen van Groningen naar Limburg te worden getransporteerd – hebben we een reductie gerealiseerd van 40% zowel op MKI als CO2-uitstoot. Bouwen met gebruikte materialen is dus hartstikke zinvol”, concludeert Marck Span.

Ontwerp Xander en Marck Daelderweg A76.

Denk groot

Het andere duo, gevormd door Steven Keemers en Twan Looije, volgde een vergelijkbaar traject, maar heeft behalve onderzoek naar de rendabiliteit ook het proces beschreven van hoe gemeentes en provincies met hergebruik aan de slag zouden kunnen gaan.

“We hebben dat gevat in een duidelijk stappenplan”, zegt Twan. “Onze casus richtte zich op de vervanging van een viaduct over de A44 Lisserweg. Het eerste concept was in onze ogen te lang én zou twee keer zo breed moeten zijn. Wij hebben de overspanning van 40 meter teruggebracht naar 28 meter met een breedte van 32 meter. Daarvoor hebben we materialen ingezet van een bestaand en te slopen viaduct over de A9 op slechts 30 kilometer afstand. Al die inspanningen leiden aantoonbaar tot een reductie van 60% op de MKI, een 61% lagere CO2-uitstoot en een kostenbesparing van 60%. Daarmee hebben we de gedachtegang dat duurzaam bouwen veel geld kost, ook getackeld.”

Steven vult aan: “Wat wij onder andere hebben geleerd uit dit onderzoek is dat je vooral groot moet denken en je niet moet laten belemmeren door zaken aanvankelijk onmogelijk lijken te zijn.”

Zijaanzicht ontwerp Xander en Marck Daelderweg A76.

Studio Nebest

Het ontwerp van beide studentenduo’s is door een commissie van wel dertig partijen getoetst op de eerder gestelde criteria tijdens een livesessie in de Nebest Studio. “De aanbevelingen tijdens de livesessie hebben bovendien veel gebracht in de verfijning van beide onderzoeken richting de verdediging”, zegt Van den Berg. “Beide duo’s hebben uiteindelijk met een 8,3 en een 9 prachtige cijfers gescoord. Inmiddels is Xander werkzaam bij Nebest, is Marck ook actief in het werkveld en zijn Twan en Steven een vervolgopleiding gestart. Daarnaast zijn we als consortium Closing The Loop uit maar liefst 32 inzendingen geselecteerd om het eerste circulaire viaduct met hoogwaardig hergebruikte objectonderdelen in Nederland te gaan realiseren. Beide afstudeeronderzoeken zijn daarin heel waardevol gebleken. Ik ben ervan overtuigd dat we zonder de jonge generatie het doel van een circulaire economie/infrastructuur nooit gaan bereiken. Want: hoe ouder, hoe gekleurder. De combinatie van ervaren constructeurs met de frisse blik van studenten leidt tot mooie inzichten.”

Ook de studenten kijken enthousiast terug. “We hebben hiervoor een afstudeerpoging gedaan bij een ander bedrijf, maar dat liep op niets uit,” zegt Xander. “De begeleiding en welwillendheid van de mensen bij Nebest was zo duidelijk anders. Ze waren zelf super enthousiast, ontzettend behulpzaam en dat motiveerde ons ook enorm om er een extra lading uren in te steken om tot een mooi resultaat te komen. Het was echt een topervaring met de livesessie in Studio Nebest als kers op de taart.”

Herbruikbaarheidsscan: ‘duurzame’ aanvulling op IAK

Herbruikbaarheidsscan
Lees het gehele artikel

Volgende stap richting een circulaire en klimaatneutrale infrastructuur

Sinds jaar en dag is Nebest betrokken bij het uitvoeren van de Instandhoudingsadvisering Kunstwerken (IAK) voor Rijkswaterstaat. In het kader van de Rijksbrede doelstelling om in 2050 circulair en klimaatneutraal te werken, ontwikkelde Nebest binnen het consortium Closing The Loop de Herbruikbaarheidsscan. Een tool waarmee de herbruikbaarheid van bestaande objectonderdelen van kunstwerken heel efficiënt en grotendeels parallel aan de reguliere instandhoudingsinspecties bepaald kan worden. Op die manier kunnen kansen voor hoogwaardig hergebruik vroegtijdig worden gesignaleerd.

SBIR-oproep Circulaire Viaducten

Naar aanleiding van de SBIR-oproep Circulaire Viaducten zet consortium Closing The Loop, bestaande uit Nebest, Antea Group, GBN Groep en Strukton Civiel in samenwerking met Rijkswaterstaat, een volgende stap richting een circulaire en klimaatneutrale infrastructuur. Hier valt nog een wereld te winnen. Ruim 70% van de bestaande kunstwerken wordt namelijk gesloopt met de traditionele sloopkogel, ook nog eens (ruim) vóór het einde van de technische levensduur. Het beton belandt vervolgens veelal als fundatiemateriaal onder een weg. “Dat is niet bepaald duurzaam, maar diep downcyclen”, zegt Wouter van den Berg, New Business Manager bij Nebest. “Binnen het consortium Closing the Loop geloven wij erin dat bestaande kunstwerken een tweede leven verdienen in de vorm van nieuwe kunstwerken.” 

De puzzelstukken en betrokken partijen binnen Closing the Loop.

Doos met legoblokken

Vanuit de reguliere instandhoudingsinspecties inspecteert Nebest jaarlijks een groot aantal kunstwerken. “We brengen daarbij vooral risico gestuurd de onderhoudsbehoefte in kaart. We checken dan of er onbeheersbare risico’s zijn die extra aandacht behoeven”, legt Van den Berg uit. “Hoe mooi zou het zijn als je gelijktijdig informatie kan ophalen over de herbruikbaarheid? Een circulaire infrastructuur valt of staat namelijk met de kennis van het huidige areaal. Er is best veel kennis, maar versnipperd en niet in handige datasystemen gevangen. Het areaal is net als een grote doos met legoblokken waarmee je prima kunt (her)bouwen. Het probleem is dat we niet exact weten waar zich welk blokje bevindt, wat de kwaliteit ervan is, wat de constructieve eigenschappen zijn en wanneer het beschikbaar komt. Met de Herbruikbaarheidsscan zorgen we voor een geordende set aan legoblokken, zodat deze materialen en onderdelen snel en efficiënt inzetbaar zijn voor een tweede leven.” 

De datastructuur is zodanig gekozen dat deze eenvoudig uitgewisseld kan worden met derden, zoals de Nationale Bruggenbank en het Madaster.

Verankering in de IAK

Belangrijk uitgangspunt bij de ontwikkeling van de Herbruikbaarheidsscan was de verankering in de huidige methodieken voor instandhoudingsinspecties. “De Herbruikbaarheidsscan is in onze inspectiesoftware geïntegreerd”, zegt Christian Rademaker, Data Engineer en Innovatiemanager bij Nebest. “Hierin is een hiërarchische structuur aangemaakt waarbij je per onderdeel de losmaakbaarheid, de restlevensduur, de constructieve eigenschappen en de kwaliteit kan bepalen. Voor het vastleggen van de paramaters hebben we gebruikgemaakt van de decompositie uit de NEN 2767 en kennis uit onder andere het platform CB23. De datastructuur is bovendien zodanig gekozen dat deze eenvoudig uitgewisseld kan worden met derden, zoals de Nationale Bruggenbank en het Madaster. Dit is essentieel om hergebruik te stimuleren.”

De Herbruikbaarheidsscan is beslist niet het tiende platform in de rij dat zich profileert als materialenpaspoort, benadrukt Van den Berg. “Wij zetten de scan in om informatie die relevant is voor hergebruik te verzamelen. Om er op die manier voor te zorgen dat men daadwerkelijk met hergebruik aan de slag kan gaan. In oktober gaan we voor Rijkswaterstaat tien kunstwerken inventariseren met de Herbruikbaarheidsscan en werken we toe naar een geïntegreerde aanpak met de IAK om deze volgend jaar bij het nieuwe contract definitief in te zetten.”   

Bouwbedrijven Nebest, Antea Group, Strukton Civiel en GBN starten innovatieve samenwerking om maatschappelijk vraagstuk op te lossen

closing-the-loop-circle
Lees het gehele artikel

De Dutch SustainableGrowthCoalition

Op initiatief van Nebest, heeft de combinatie Closing the Loop meegedaan aan de Smart Business Innovation Research van Rijkswaterstaat. Door deze innovatiecompetitie daagt de overheid ondernemers uit om met innovatieve producten en diensten te komen om maatschappelijke vraagstukken op te lossen. Dat deze samenwerking succesvol verloopt, blijkt uit het feit dat het team het winnende concept heeft aangedragen: Closing the Loop. Op vrijdag 23 april 2021 kregen Nebest, Antea Group, Strukton Civiel en GBN de realisatie van het eerste circulaire viaduct met hoogwaardig hergebruikte objectonderdelen in Nederland gegund. Een grote stap in de richting van een klimaatneutrale en circulaire infrastructuur.

Hoogwaardig hergebruik bestaande kunstwerken

Met Closing the Loop wordt de cirkel voor hoogwaardig hergebruik van bestaande kunstwerken gesloten. Het consortium toonde de haalbaarheid aan van de realisatie van de eerste tien viaducten met dan 70% hoogwaardig hergebruikte objectonderdelen in de komende paar jaar. De overige 30% wordt hoogwaardig gerecycled. Dit betekent dat er in de basis geen materiaal verloren gaat.

Dit is duurzamer en economisch aantrekkelijker dan de huidige wijze van bouwen. Het concept houdt in dat bruikbare bouwblokken (legoblokken) uit oude bruggen en viaducten worden geoogst, om deze volledig te hergebruiken in nieuwe objecten. Zo gaat er niets verloren, worden er kosten, én materiaal bespaard.  Het doel van de combinatie is om deze werkwijze de norm te laten worden, tenzij echt niet anders kan: circulaire tenzij.

Het consortium gaat nu verder met het realiseren van het concept. Naast de vaste partners kent de combinatie ook een aantal kennispartners (IMd, NEN, Madaster, TNO en Gemeente Amsterdam). Closing the Loop organiseert kennissessies voor geïnteresseerden, aanmelding is mogelijk via de website

Studio Nebest brengt de InfraTech 2021 bij u thuis.

Schermafbeelding 2021-01-07 om 10.24.50 kopiëren
Lees het gehele artikel

We Move Forward!

Het volgende interessante programma hebben we voor u samengesteld:

dinsdag 12 januari
Duurzame voegovergangen en opleggingen.
Voor meer info en aanmelden klik hier.

woensdag 13 januari
Restlevensduuranalyse van industriële en civiele constructies.
Voor meer info en aanmelden klik hier.

donderdag 14 januari
Materiaalkundige inspecties en meettechnieken
Voor meer info en aanmelden klik hier.

vrijdag 15 januari
Problematiek kunstwerken op houten paalfunderingen.
Voor meer info en aanmelden klik hier.

Chroom-6 onderzoek: De kracht van de combinatie

verfmonstername-kopieren
Lees het gehele artikel

Chroom is een zwaar metaal en komt voor als chroom-0, chroom-3 en chroom-6. In tegenstelling tot chroom-6 zijn de eerste twee onschadelijk voor de volksgezondheid. Zodra je echter objecten met chroom-6 houdende coating erin gaat bewerken (schuren, slijpen, snijden, branden, lassen of zagen) kan stof of rook met chroom-6 vrijkomen. Het is dus van groot belang om te weten of in de coating van het te bewerken object chroom-6 voorkomt, zodat indien nodig de juiste voorzorgsmaatregelen getroffen kunnen worden. Nebest Adviesgroep ontwikkelde een (inmiddels gevalideerde) methodiek om dat met grote zekerheid te bepalen.

Laat de applicator een paarse verkleuring zien, dan betekent dit dat er chroom-6 aanwezig is en hoeft er geen verder onderzoek uitgevoerd te worden.

 

Chroom-6 is schadelijk bij inademen of inslikken, zo is algemeen bekend. “Wat veel mensen niet weten, is dat het ook je lichaam kan binnendringen via vocht, zweet of speeksel”, zegt Astrid Elzas van Nebest Adviesgroep in Vianen. “Zo gauw het op je lichaam komt, heb je een probleem. Het is dus belangrijk om te weten of er chroom-6 aanwezig is in de coating van het object dat je gaat bewerken. Dat zal je moeten testen. Er zijn meerdere methoden om een coating te onderzoeken op de aanwezigheid van chroom-6. Niet één van die methoden geeft 100% zekerheid. Om zoveel mogelijk zekerheid te verkrijgen, is het van belang een slimme combinatie van proeven te doorlopen.”

De methodiek van Nebest gaat uit van meerdere soorten proeven, waarbij de slimme combinatie zekerheid geeft.

 

Chroom-6 is schadelijk bij inademen of inslikken. Wat veel mensen niet weten, is dat het ook je lichaam kan binnendringen via vocht, zweet of speeksel.

 

Paarse verkleuring

Het chroom-6 onderzoek van Nebest bestaat uit een aantal stappen. Mark Lodema van Nebest Adviesgroep geeft tekst en uitleg: “We beginnen altijd met een visuele inspectie en een relatief eenvoudige proef ter plaatse, de in-situ sneltest. Er wordt op bepaalde locaties een inkeping in de verf gemaakt, een v-vormige snede, zodat alle verflagen komen bloot te liggen, tot aan de ondergrond. Vervolgens gaan we met een applicator door de snede, zodat alle verflagen worden geraakt. Laat de applicator een paarse verkleuring zien, dan betekent dit dat er chroom-6 aanwezig is en hoeft er geen verder onderzoek uitgevoerd te worden. Vervolgstappen zijn er natuurlijk wel wat betreft voorzorgsmaatregelen bij het onderhoud aan de conservering of het object. Verkleurt de applicator niet, dan wil dat niet zeggen dat er geen chroom-6 aanwezig is. Er zijn diverse factoren die deze in-situ sneltest kunnen beïnvloeden. Het gaat hier om verstorende elementen in de coating (niet te verwarren met het metaal van de ondergrond) die voor de omzetting van chroom-6 naar chroom-3 tijdens de test kunnen zorgen. Daarom is er altijd vervolgonderzoek nodig. Hiervoor wordt een verfmonster genomen van plusminus 5 bij 5 centimeter dat voor nader onderzoek wordt aangeboden in ons laboratorium in Vianen.”

Bij de in-situ sneltest wordt een inkeping in de verf gemaakt, een v-vormige snede, zodat alle verflagen komen bloot te liggen, tot aan de ondergrond.

 

Laboratoriumtesten

In het laboratorium wordt door Nebest een XRF-meting uitgevoerd op het verpoederd verfmonster. “Met deze test meten we de aanwezigheid van elementen die een verstorend effect kunnen veroorzaken op de testen, alsmede de aanwezigheid van chroom totaal”, legt Lodema uit. “Zekerheidshalve wordt in ons laboratorium ook de indicatortest uitgevoerd, die sterk lijkt op de in-situ test maar onder geconditioneerde omstandigheden wordt uitgevoerd. Daarmee is het een geoptimaliseerde proef. Wordt er nog steeds geen chroom-6 gevonden, dan volgt een nat-chemische analyse.” Elzas vult aan: “Het verpoederd verfmonster wordt verwarmd in een extractievloeistof. In de alkalische oplossing vindt extractie plaats van chroom-6 uit het monster. Na toevoegen van een indicator treedt een verkleuring op indien chroom-6 aanwezig is. Met behulp van een UV/VIS-spectrophotometer wordt de verkleuring gekwantificeerd en kan de concentratie chroom-6 in het monster worden bepaald.” Lodema: “De aanwezigheid van storende elementen kan het resultaat beïnvloeden. Daarom wordt naast de test op het verfmonster een tweede test uitgevoerd waarbij een bekende hoeveelheid chroom-6 wordt toegevoegd. Als we deze hoeveelheid grotendeels of geheel terugvinden, is de test betrouwbaar. Zo niet en is er wel chroom-totaal aanwezig én zijn er verstorende elementen aangetroffen met de XRF-meting, dan wordt de uitspraak:
vermoedelijk chroom-6 aanwezig.”  

Met behulp van een UV/VIS-spectrophotometer wordt de verkleuring gekwantificeerd en kan de concentratie chroom-6 in het monster bepaald worden.

 

De methodiek van Nebest gaat dus uit van meerdere soorten proeven, waarbij de slimme combinatie zekerheid geeft. “Het is zaak om het chroom-6 onderzoek met kennis van zaken te beoordelen om het resultaat te kunnen interpreteren”, zegt Elzas. “De doorlooptijd van ons onderzoek is maximaal twee weken. Met een spoedopdracht kan het binnen een paar dagen.” Nebest verricht het chroom-6 onderzoek voor partijen als ProRail, Rijkswaterstaat en energiebedrijven, maar ook voor aannemers in de bouw en industrie. Overigens worden in veel gevallen ook andere zware metalen (o.a. Pb, Zn, Al, Ni, Cu, Co) en PAK’s (polycyclische aromatische koolwaterstoffen) in coating gemeten.